Radio amateurs in Ohio sporen “Ditter” op

Hamcat

HamcatRadio amateurs in Ohio sporen "Ditter" op

Dat behoeft enige verklaring: Onder een "Ditter" wordt een onafgebroken stroom punten (dits) verstaan die op een bepaalde frequentie wordt uitgezonden. Daar hadden ze in de zomer van 2000 ook al een keer last van gehad, en recent was het weer raak in de 40m band.

Radio amateurs in de Amerikaanse staat Ohio namen op 22 oktober kontakt op met de storingscoördinator van de ARRL (de Amerikaanse uitvoering van de VERON) met de klacht dat er op 7.0574MHz een onafgebroken stroom "dits" (punten) uitgezonden werd in CW (de bandindeling in Amerika is anders dan in Europa omdat ze daar het gebied van 7.000-7.300 tot hun beschikking hebben). "We namen kontakt op met het peilstation van de FCC (Amerikaanse AT) en vroegen of ze ons een idee van de richting van het signaal konden geven zodat we dit zo snel mogelijk op zouden kunnen lossen". Ze reageerden direkt en gaven aan dat het signaal uit Westerville afkomstig was, een stadje net ten noorden van Columbus in Ohio.

Toen het gebied waar het signaal van afkomstig was eenmaal bekend was, nam men kontakt op met de Official Observer Coordinator afdeling Ohio van de ARRL, Rick Swain, KK8O en vroeg hem om hulp. Swain op zijn beurt schakelde zijn team van Official Observers (OO) in om de situatie te beoordelen. "Noch ikzelf noch de OOs knden de zender horen," zei Swain in zijn rapport. "Tijdens een telefoongesprek met een van de OOs die in de buurt van het verdachte gebied was, zei hij ineens dat hij het signaal kon horen, maar dat het net op ruisniveau was, zo'n S2 tot S3. Op ongeveer hetzelfde moment kon ik het vanaf mijn locatie ook horen, zo'n 80km vanaf het verdachte gebied — ook net boven de ruis — gedurende 5 of 10 seconden, daarna verdween het weer."

Swain belde tevens met Assistant Section Manager Bill Carpenter, AA8EY. (Hoeveel BoBo's hebben ze daar??)  "Bill woont in het desbetreffende gebied. Ik lichtte hem in over de situatie en hij ging meteen achter zijn set zitten," zegt Swain. "Bill checkte de frequentie en vertelde me dat hij de "dits" ongeveer S9 hoorde. Hij zei dat hij dacht te weten wie het kon zijn en dat hij wat telefoontjes ging plegen."

Om ongeveer 7:30 op 23 oktober checkte Swain de frequentie en toen was het signaal afwezig. "Ik ging er vanuit dat of Bill de zender gevonden had, of dat de eigenaar thuis gekomen was en de zender uitgeschakeld had," zei hij. "Later op die ochtend stuurde Bill me een e-mail met de mededeling dat het signaal weer terug was met een S7. Ik belde naar Bill's huis en liet een bericht achter dat ik op weg was naar Westerville om het signaal te peilen. Als hij met me mee wilde rijden, was hij meer dan welkom." Het signaal werd die dag ook in Newington gehoord.

Toen Swain in Westerville aankwam, had hij een lijst met namen en adressen van 172 gelicenseerden in dat gebied, maar ook een redelijk idee waar hij de bron zou moeten zoeken, gebaseerd op de gegevens van het peilstation van de FCC. Hij had tevens zijn HF radio bij zich, een all-band screwdriver antenne, een GPS en een VHF radio voor informatie en aanwijzingen.

"Ik reed wat rond in de omgeving en zag dat het signaal daar S9 was en nog steeds sterker werd," zei Swain. Hij pikte Carpenter op en samen zochten ze verder. Ongeveer een kwartier later — met Swain aan het stuur en Carpenter die aanwijzingen gaf — "merkten we op dat het signaal nu 30 over S9 was en Bill liet me linksaf slaan bij de volgende straat, met de mededeling dat er een adres was dat op zijn lijst stond en dat we dat even zouden moeten checken. We stopten bij dat adres, maar dat was het niet."

Swain schakelde toen 30dB verzwakking in en bleef in de ingeslagen richting rijden: "Het signaal was nu 20 dB over S9 met de verzwakker nog steeds ingeschakeld. We reden de volgende straat in en het signaal ging nog eens 20 dB omhoog. Ik reed een parkeerplaats op en maakte een 360-graden bocht om te zien uit welke richting het signaal kwam. Daaruit bleek dat we in de richting van een nieuwbouwproject moesten dat naast het parkeerterrein lag."

Swain en Carpenter liepen in de richting van de nieuwbouw en constateerden dat het signaal nog sterker werd. "Bill keek op de lijst en vond een amateur die in de straat woonde waar we stonden, dus gingen we daar heen en klopten op de deur, maar er was niemand thuis," zei Swain. "We keken in de achtertuin en zagen een 4-band trapped vertical antenne. We gingen naar de buren en vertelden de buurman wie we waren en wat we aan het doen waren."

Met de hulp van de buurman nam Swain kontakt op met de desbetreffende amateur op zijn werk, en legde de situatie uit. De amateur vertelde zijn buurman hoe hij in het huis kon komen en waar ze de zender konden vinden. "We gingen naar binnen, vonden de ingeschakelde zender en schakelde 'm uit," zei Swain. "Het viel me op dat de amateur een grote kat had die lekker tegen de warme zender aan lag en vermoedde dat de kat tegen de keyer aan was gaan liggen en zo de zender in werking zette. Er was geen andere verklaring mogelijk zonder dat de eigenaar het relais van de zender zou moeten horen klikken."

Toen Swain en Carpenter het huis verlieten controleerden ze de frequentie op hun ontvangers en het signaal was verdwenen.

Noot van de redactie: Uit de verhalen blijkt wel dat het in Amerika kennelijk gewoonte is om de apparatuur ingeschakeld te laten staan (Wat nou CO2 uitstoot). Hoewel dat bij de oude buizenapparatuur zin had (het scheelt een half uur opwarmen voor de boel stabiel op frequentie blijft staan) is dat bij synthesized of zelfs DDS apparatuur van tegenwoordig niet meer nodig. Het verdient aanbeveling om zenders bij afwezigheid altijd uit te schakelen. Of de kat uit de shack te houden natuurlijk HI.

 

Eén gedachte over “Radio amateurs in Ohio sporen “Ditter” op”

Geef een reactie